Laatste reis

Oeganda

In maart ging Esther, voor het eerst alleen, vol goede moed en met de nieuw vertaalde versie van “communiceren met God”, naar Oeganda. Het woord ‘corona’ was toen nog op de achtergrond en was helemaal niet waar mensen in Oeganda mee bezig waren.

Tijdens de eerste conferentie besloot de Oegandese president in navolging van andere landen om een totale lockdown in te voeren. In dezelfde tijd besloot Nederland haar grenzen te sluiten. Daarna volgde voor ons spannende tijden. Kan Esther nog terug en is er nog een vliegtuig die haar komt halen? Erik heeft vele uren aan de telefoon gezeten om dit te regelen. Gelukkig, met de laatste vlucht op 20 maart kwam Esther veilig in Nederland aan.
 
Toch is deze reis niet voor niets geweest. God heeft weer nieuwe contacten gegeven en deuren geopend. Tijdens de conferentie kwam er een man naar Esther toe en vertelde dat hij hier was op aanraden van de chauffeur die Esther reed van en naar de conferentie. Hij was zo onder de indruk van het onderwijs dat werd gegeven. Deze man is verantwoordelijk voor een heel aantal gemeentes in een ander deel van Oeganda. Hij heeft gevraagd of wij daar ook onderwijs willen gaan geven.

Er zijn nog meer mooie dingen gebeurd tijdens deze reis. We delen graag een mooi getuigenis:

Op het politiebureau

“En we verwachten je morgenochtend om 09.00 bij de politie”.

Ik was net aangekomen in Hoima om de eerste conferentie te beginnen en was niet voorbereid om bij de politie te moeten komen. De volgende morgen ging ik samen met een aantal voorgangers naar het politiebureau. Inmiddels was mij verteld dat ik verhoord zou worden door ‘het hoogste orgaan’ van de politie van het district.

Op zondag zingen in de kerk dat ik niet bang ben, vind ik niet lastig. Maar toen, op dat moment voelde ik mij verre van comfortabel. Daar zat ik op het bankje in een politiebureau in Afrika. Een man in uniform kwam binnen, overzag de situatie en begon vreselijk te schreeuwen tegen ons. Aangezien dit in hun stamtaal was, voelde ik mij niet aangesproken. Maar ineens draaide hij zich om en begon in het Engels tegen mij te schreeuwen. De meest nare woorden vlogen mij om de oren en ik voelde mij geïntimideerd door deze man.

Ineens bedacht ik mij dat mensen in Nederland voor mij aan het bidden waren. Een vriend had voor mijn vertrek gebeden dat ik beschermd zou zijn door het bloed van Jezus. “Heer, Uw bloed….” Verder kwam ik niet. Dwars door mijn gedachten, bleef de man tegen mij schreeuwen.

Ineens kwam er nog een man het politiebureau binnen. Hij wilde mijn documenten en verdween. Even later moest ik ook komen. De man bekeek mij en keek in mijn paspoort. “Ik wil beginnen om mijn excuses te maken voor het gedrag van mijn collega” en ik wil je welkom heten in mijn land.”

Gebeurde dit echt? Dit was zo anders als een paar minuten daarvoor.

“Wat kom je hier doen?” Ik vertelde de man wat de reden van mijn bezoek naar Afrika was. Hij keek mij aan en zei: “Ik ben ook een christen, maar Gods stem verstaan is nieuw voor mij.” “Ik zou ook graag naar je conferentie komen, helaas kan dit niet. Maar jij hebt hier alle vrijheid. Ik geef je mijn persoonlijke nummer en je mag mij altijd bellen.” Toen mocht ik gaan.Ik was zo verbaasd over de verandering, dat ik de man geloof ik heel vaak bedankt heb.

Ik wilde net naar buiten lopen toen hij mij terugriep. “Wil je voor mij bidden en ook vragen of God iets voor mij heeft?”Daar stond ik, te bidden en te profeteren over de baas van de politie. Wat een prachtig einde van zo’n spannend begin!